zaterdag 29 november 2014

Pour oil on troubled waters?


OK, laten we het eens hebben over de H in adhd; die van “hyperactiviteit”. Om maar eens duidelijk te maken dat die niet enkel slaat op fysieke hyperactiviteit. Als volwassene heb ik weinig last van wiebelen of wippen. Of “rondlopen wanneer dat niet past”. Mijn zenuwtics - momenteel weer op mijn nagels en de binnenkant van mijn wang bijten - zijn vermoedelijk storender voor mezelf (ja ik vind dat vies & yuk) dan voor mijn omgeving. En als ik al eens bij aanhoudende angstaanvallen gedempt gil, dan probeer ik dat uit het zicht te doen - op de fiets of zo.

Het is wat je NIET ziet, dat me op dit moment heel hard zot maakt.

Als mijn gedachten gelijk een snelstromende bergrivier zijn, dan is hyperfocus - de mentale hyperactiviteit die ervoor zorgt dat ik uren aan een stuk een onderwerp grondig kan uitspitten - de wildwater kajakker op de woeste stroming. Zolang er een boot is om te sturen, lukt het wel. In de zin van: ik lever consistente resultaten af. Maar de boot besturen is super lastig en ik weet maar al te goed hoe het is om die te crashen en te verzuipen. Dus wil ik dat vermijden. Ga ik harder werken. En word ik moe … Doodmoe.

Er is geen stop knop. Enkel een aanhoudende portie adembenemende onrust.

Als ik het niet kan stoppen, kan ik misschien de golven neerslaan? Zodat ik even van die “I think I'm capsizing” af ben. Allright: dat kan. Op een goeie manier, door zorgvuldig te leven. Op tijd en gezond te eten. Genoeg buiten te komen en (vooral) zeer geregeld te sporten. Maar dat lukt me weer niet.

Dus ga ik er tegenaan met glaasjes wijn en roze pilletjes en ben ik ongelooflijk boos op mezelf: als ik er al in slaag om olie op de golven van onrust te gooien, is het maar voor even. De golven worden toch steeds hoger en alcohol en alprazolam maken me mottig.

Ik ben weer zo druk met werken bezig, dat ik nog nauwelijks hoor of begrijp wat er van mij gevraagd wordt. En ik vrees altijd het ergste, zodat ik voortdurend in stand-by modus blijf om ervoor te zorgen dat ik niets vergeet. Of verknoei, god beware.

Het heeft allemaal geen zin. Ik heb ook helemaal geen "paar dagen rust" nodig.

Neen. Ik neem me voor om vanaf maandag gewoon BETER te leven, zodat ik niet kapseis en verzuip.

Ik ga tijd maken. Voor buitenlucht. Voor sport. En om alleen te zijn.

zondag 23 november 2014

At the end of the day, I’m usually just a girl who drops more balls than I catch

Zou iedereen dat voelen, dat de stress bij de start van het academiejaar elk jaar toeneemt?

Voor de herfstvakantie was het retedruk op het werk. En toch was ik immens verveeld. Been there, done that ... Voor de zoveelste keer hetzelfde - of net niet natuurlijk, want onze IT staat niet stil en ik pas de lessen die ik geef natuurlijk inhoudelijk aan.

Ik had er weinig zin in, in dat lesgeven. Veel beter word ik er niet meer in en ik steek er momenteel niet veel meer van op. Bovendien kost het me - nog steeds - heel wat moeite om de voorbereiding in mijn werkgeheugen te stampen.

ZUCHT

Mijn aandacht zwierf uit naar tal van nevenprojecten. Met alle gevolgen vandien. Terwijl ik overdag keihard nieuwigheden verkende, massa's bijleerde en helpdeskpagina's zat bij te breien, schoot het meer dringende werk - de lesvoorbereiding - voor geen meter op. Nachtwerk, dat werd het uiteindelijk. Véél nachtwerk. Tot twee uur 's nachts voorbeelden zitten aanmaken omdat ik er te lang mee wachtte, that is sooo me

Het goeie was, dat ik behoorlijk focus had - weken aan een stuk. Het minder goeie, dat ik die focus met de beste wil van de wereld niet op de "dringende" zaken gericht kreeg. 

Tegelijk met de verveling kwamen ergernis en lichtgeraaktheid. Ergernis over "domme mensen die niks begrijpen" en lichtgeraakheid over hoe ik "als een domme kalle" benaderd werd. Ik weet het, dat zijn signalen voor mij om gas terug te nemen. Maar ja ...

ZUCHT 

Ondertussen werd er ook "flex werken" ingevoerd. En kwam er plots een vrouw aan het bureau naast mij zitten. Met 8 vrouwen op 80 werknemers, was dat nooit eerder gebeurd. Ik vond het behoorlijk verontrustend.

Want voor mij hoeft het niet, sociaal gedoe met vrouwen op kantoor. En eigenlijk ook niet met andere mensen. Ik word moe van vergaderen - er zijn gelijk nooit actiepunten. Ik doe niet aan politiek of gekonkel. En ook niet aan beleidsnota's. Allemaal tijdsverlies.

Laat mij maar analyseren. Doordenken. Linken. Creëren.
Laat me duiken in de diepste laag. Me vastbijten tot ik het helemaal begrijp - ook al is dat niet echt nodig.
Laat me vooral met rust.

Want ik werk voort. Verzamel de stukken van de puzzel om die samen te leggen, in de hoop ze aaneensluitend te maken. Door consistentie. Terminologische afspraken. Structuur.

Omdat ik een idealist ben. Geloof dat het allemaal beter kan. 
Omdat ik heel constructief wil zijn - maar niet ingeperkt. 
Omdat ik geloof in bottom-up.

Ik verleg keien in de rivier en zie dat het beter wordt. Jaar na jaar.

Maar ik maak me geen illusies over mijn aandeel.

Het is niet omdat je snel(ler) iets snapt, dat je er meer kan mee aanvangen.
Het is niet omdat je veel details kent, dat je overzicht hebt. 

At the end of the day, I’m usually just a girl who drops more balls than I catch.

Inzicht en begrip

Het voordeel aan ouwer worden is dat je meer inzicht en begrip krijgt.
Dat je - bijvoorbeeld - begrijpt waarom mensen ongezonde, domme dingen doen als zichzelf de vernietiging inzuipen of ogenschijnlijk zomaar uiteengaan omdat “het” - wat dat dan ook mag zijn - “op” is.

Het nadeel aan ouwer worden is, dat inzicht en begrip niet vanzelf uitgebreid worden met een set van goeie redens om zelf geen stommiteiten uit te halen.

Geen reden tot paniek echter.
Alles fijn hier.
Het viel me gewoon op.

zondag 9 november 2014

Het pompoen seizoen

Eerlijk: tot een paar jaar geleden vond ik pompoenen, net als courgettes, bijzonder onsmakelijk. Omdat ik niet wist hoe ze klaar te maken. Ook al volgde ik een recept, de soep eindigde meestal voor meer dan de helft in de afvoer. De huisgenoten waren geen fan en ik al evenmin. En alles - op zijn Amerikaans - met smelt- of strooikaas overgieten, dat doe ik liever niet.
Maar zie, toen ging ik op weekend met de Boeddhisten. En daar at ik pompoen uit de oven. Gewoon zo, zonder meer erin gelegd en gegaard. Super lekker. En toen realizeerde ik me dat het op die manier kon. Niet door die pompoen rauw en keihard in stukken te hakken en die plat te koken, maar door hem geheel - of gehalveerd en bestrooid met een pak kruiden - te garen.
Et voila, sindsdien eten we hier thuis pompoen a gogo. Gewoon door de (rest)warmte van de oven te benutten, door na het koken een pompoen een uur (of twee) te laten garen. Om er dan - al dan niet geschild - verder mee te werken.  Met tandoori. Met harissa. Met look. Met gember. Met (gevriesdroogde) korianderblaadjes. In soep. In puree. In risotto.
En dat is lekker. Yup.

vrijdag 1 augustus 2014

Picture perfect

Toen we hier 14 jaar geleden voor het eerst rondkeken, waren we direct overtuigd: een goed gelegen, groot huis, met garage, binnenkoer en atelier, plus de mogelijkheid om bij Stad Gent een stuk tuin aansluitend op het buurtpark te kopen. En ik denk er nog steeds zo over. Voor geen geld van de wereld wil ik hier weg.

Maar groot en oud - bouwjaar 1895 of zo - wil ook zeggen: potentieel veel werk. Gelukkig was het huis in orde - de 2 laatste renovatiefases, rond 1960 en ergens begin de jaren 90, lieten ons toe om zonder voorafgaande renovaties te verhuizen. Alles zat erin: een keuken, een badkamer en centrale verwarming.

Na een nieuwe gevel, een nieuw dak met veluxen, een nieuwe zolder, (bijna) overal nieuwe ramen en een heringerichte tweede verdieping met 2 ruime kamers per tiener, zijn we aan de afwerking van de (ouderlijke) eerste verdieping bezig. Waar sinds kort een compleet nieuwe badkamer met apart toilet, een ruime dressing en een grote “muziekkamer” te vinden zijn. Het pleisterwerk is al goed uitgedroogd. De afwerking: daar zijn we mee bezig. Schilderen en inrichten. Beetje bij beetje. Het gaat vooruit en het ziet er steeds beter uit. Maar we blijven natuurlijk spullen van de ene kamer naar de andere verhuizen, tot het einde (met genoeg opbergruimte en zo) in zicht komt.

Het gelijkvloers, daar zijn we nog niet aan begonnen. Niet dat dat erg is. Maar het is wel de plek waar mensen langskomen. Of: niet meer langskomen. Want het is een rommeltje. De living is uitgeleefd, de keuken is onhandig en de koer heeft een afgebladderde muur en tegels die sinds de laatste werken compleet verzakt zijn, zodat de mottige oude teakhouten meubels schots en scheef staan tussen het weelderige onkruid en de resten bouwafval die ooit naar een containerpark moeten - net als driekwart van wat er “voorlopig” in het atelier gestockeerd staat.

Of ik dat erg vind? Ja en neen.

Ja, omdat ik een perfectionist ben. Al veel te lang interieurtijdschriften lees en licht manisch verfkleuren en spullen op Pinterest verzamel. Voor mij moet het er “juist” uitzien. Of het doet een beetje pijn. Snapt u dat?

Neen, omdat ik OPGEGEVEN heb. Sinds de laatste keer dat ik alle teak met een tandenborstel hyper clean kreeg, is het inzicht gekomen dat ik hoe dan ook ALTIJD verlies. Van de elementen die teak meubelen van groene smurrie voorzien, van huisgenoten die meer rommel maken dan ik kan verdragen en van mezelf: als ik mijn energie niet goed besteed, ga ik geheid onderuit. Dus moet ik kiezen. Ofwel ga ik als een gek schoonmaken en klussen en kan ik zonder schroom mensen uitnodigen. Ofwel laat ik de boel de boel en haal ik niemand binnen.

Het is dat laatste geworden. Als ik het enigszins kan vermijden, nodig ik geen mensen uit.

Niet dat u niet welkom bent, maar etentjes en feestjes - met uitzondering van familiale elk-om-beurt toestanden, dat hebben we hier niet meer. Ooit geraakt het opgekuist. En dan zien we wel weer. Maar nu niet.

Post scriptum voor wie afkomt met “dat is typisch als je een oud huis koopt, het stopt nooit”.
Gelieve eens te checken of uw nieuwbouwwoning - die gemiddeld echt veel kleiner is - na 14 jaar geheel piekfijn in orde is. Met blinkend barbecuerooster toe. I dare you.

maandag 23 juni 2014

A thousand women behind me

Een week geleden had ik er nog niet aan gedacht om aan de Midzomernachtloop deel te nemen. Het gaat niet zo goed met mijn sportieve bezigheden omdat ik me niet echt fit voel. Ik miste al meer spinninglessen dan ik er volgde en het in april gestarte loopschema (doelstelling: een halve marathon op 21 juni) hield ik maar kort vol. Chronisch hyperventileren is SLOPEND. Mentaal klaarwakker maar fysiek uitgeput, zo was ik meestal.


‘k Was al blij dat ik de (middelbare school) vakantie haalde. En dat dit weekend me eindelijk de kans gaf om uit te rusten. Maar toch, toen ik bij een facebook vriendin las dat ze haar “running bib” van de hand deed, besloot ik die over te kopen. Het loopt wel los, dacht ik zo. Ik heb het hele weekend toch niks te doen.

Dus ging ik gisteren om half zeven met de mijnen naar De Kaai en at ik friet met een visbrochet en bearnaise, om me achteraf thuis in de zetel neer te vleien en zappend op een idiote sexy David Boreanaz movie te botsen. Het was al negen uur toen ik in looptenue (magenta Nike shirt, lange ondertight en zwart looprokje, roze sokken, Saucony Triumphs ) en ietwat gestresseerd vroeg of ik snel naar de Blaarmeersen kon gevoerd worden (want daar stond nog een fiets in het rek waar ik mee naar huis kon) .

Geen eindtijd. Geen vooraf berekende splits. Geen gezelschap om me af te remmen. Geen plan tout court.

Ergens achteraan in het startvak hoorde ik een vrouw “een uur en een kwart” zeggen en ik dacht: “die moet ik in de gaten houden”. Rustig aan, nam ik me voor. Als ik mezelf hoor ademen, ga ik te hard. Dus liep ik niet te snel, maakte ik me niet druk om de wegversmallingen (aan de Groene Vallei ter hoogte van Volta was het ECHT ZOT) en hield ik mijn angst voor stampedes op fietsbruggen en -doorgangen onder controle (Zijn die wel voorzien op zoiets? Ik herinner me beelden uit Nederland, met een heleboel mensen in het water …)
Vlot lopen was het niet, maar ik liep alleen, en dan wil ik toch voorbijsteken. Bij het 5 kilometer bord hoorde ik iemand “28 minuten” zeggen en dat kon ik moeilijk geloven. Maar ik bleef cool en vertikte het om de lopende Nike+ registratie te checken. 

Al bijeen heb ik mezelf geen geweld aangedaan. En ben ik na 1 uur en 3 minuten over de finish gelopen. Met de correctie in gedachten, verwachtte ik me aan exact 10 kilometer per uur, mijn oude, “reguliere” tempo. Gezien de omstandigheden ging het dus behoorlijk. 

Na correctie bleek het resultaat 58:31 te zijn. Nummer 368 van de 1368 vrouwen op de 10 km.

Je ziet me in het finish filmpje afkomen, bijna helemaal achter een grote meneer verstopt.

zondag 8 juni 2014

A lifetime of ADHD failures


Hoewel ik het lang niet altijd met hem eens ben, vind ik vaak troost in de schrijfsels van Douglas Cootey. Zoals vandaag.

Hyperdrive

Het gaat al weer een eind niet zo goed. Mijn "symptomen" zijn erger dan ooit. Ik ben momenteel hyper (en dus heel heel erg helder en niet te stoppen) maar fysiek heel mottig. Kan niet hard sporten omdat mijn hart en bloeddruk niet meewillen - en dat jaagt mij angst aan. Ben bang dat er echt iets gaat mislopen, als gevolg van de enorme stress die ik constant voel. Want of ik nu sport of niet, permanente extreme stress IS de oorzaak van hartproblemen en zo meer ...



Zoals altijd heb ik het extreem moeilijk met STARTEN en STOPPEN. 's Ochtends raak ik absoluut niet in gang en 's avonds is er geen manier om rustig te worden. Koffie en suiker zijn zowat de hoofdbestanddelen van mijn dag, met alle gevolgen - ettelijke kilo's - vandien ... Ik weet ook dat alcohol "dom" is - daar word ik NOG dikker van - maar na een reeks van 18-uren dagen is een pint of een glas wijn niet anders dan zelfmedicatie, om toch wat te vertragen.

Tja, op dit moment zit ik ook te veel op een high om "verstandig" te gaan leven, met gezond eten en yoga en mindfulness en al die dingen die ik een paar jaar geleden nog min of meer in de hand had. Het zit me dwars, maar door die high ben ik ook ongelooflijk productief. En dat is fijn. Zowel op het werk als erna. Want ik lees het halve internet door, pin me te pletter en schrijf (blog drafts) a gogo.

zondag 11 mei 2014

Relax?

Ontspannen zijn is goed, neen?
Bwah.

Ontspannen zijn, wil ook zeggen dat ik nog WEL alles wat ik moet onthouden noteer, maar het compulsieve checken van agenda's en (ellenlange) To-Do Lists achterwege laat.

Zodat ik vergeet, verkeerd inschat en steken laat vallen.

zaterdag 10 mei 2014

De omgekeerde wereld

Het gaat goed. Dank u.
De verbouwingsstress is weg - de lijst met af te werken klussen schiet voor geen meter op maar daar kan ik NIKS aan doen dus laat ik het los. We zullen ooit schilderen. En kasten zetten. En weer uitpakken. Maar nu nog effe niet.
De crisissen veroorzaakt door ondermaatse schoolresultaten zijn bedwongen. Zucht. Tieners en motivatie. Ouders en onmacht. Niet goed voor het hart, die dingen.
Onze reis naar de USA in de paasvakantie was absoluut een succes. Ik probeer tijd te maken om de foto’s van (geo)tags en commentaar te voorzien, maar voor de nieuwsgierigen staan ze al hier.
Voor de rest ben ik al dagen vrolijk en jumpy. Een beetje praatziek. En afgeleid. Procrastinating like there’s no tomorrow gevolgd door (nachtelijke) werksprintjes, het is niet ideaal, maar ik leef ermee. Probeer weer vaak te sporten (en dat lukt redelijk goed). Ik ben ontspannen van reis teruggekomen en wil - ondanks de potentieel overvolle agenda in de komende weken - enigszins ontspannen blijven.
Maar toch denk ik: moet ik me nu zorgen maken over een hypomane fase. Of is dat weer de wereld op zijn kop?

donderdag 24 april 2014

Rugby is geen sport voor watjes

Al meer dan 8 jaar breng ik hem. Vroeger enkel op woensdag, nu twee keer in de week. Het is een diep ingesleten gewoonte geworden. Vooral omdat ik - in de tijd dat er nog geen clubhuis stond en er ‘s winters niet anders op zat dan aan de kant van het veld te koukleumen - besloot om van de gelegenheid gebruik te maken om wat te lopen. Hoezeer we ons soms kapot moet haasten om tegen zes uur op de Blaarmeersen te zijn, op woensdag en vrijdag is er tijd voor sport, voor zoonlief en voor mezelf.

Toegegeven, ik heb er geen omkijken meer naar, als hij uit de auto stapt. Soms raak ik zelfs niet tot aan het clubhuis. En soms probeert hij mij af te schudden. “Ik ga wel met de fiets”, zegt ie dan, “dat is rapper.” Wat klopt, maar ik wil mee, want ik wil lopen en vind het snel te koud om in bezwete loopkledij terug te fietsen.

Vroeger vond je me meer bij het veld. Kende ik meer ouders. Was ik meer “betrokken”. Maar na een periode vol discussies en strubbelingen tussen ouders, trainers en clubbestuur, draaide ik een bladzijde om. In plaats van me nog langer - en bij wijlen ERG - druk te maken, besloot ik om los te laten. Nu doe ik mijn bar shifts. En probeer ik om - met het gezin - de jaarlijkse feesten mee te pikken. We houden het gezellig zo.

Hij heeft mij niet meer nodig. Maar toch ben ik ongerust. Want ik zie dat de U15’s veel ruwer spelen. Ik lees mails over “concussion management” en zie op Facebook dat zijn leeftijdsgenoten geregeld blessures oplopen. Ik was in de voorbije maanden een paar keer getuige van een “naar het ziekenhuis”- incident. En ben me er pijnlijk van bewust dat er niet eens altijd iemand aanwezig is die EHBO kent. (Zelfs dat ze de EHBO koffer of het ijs niet snel weten te vinden, als dat nodig is.)

Hij heeft mij niet meer nodig. En wij - zijn ouders - hebben ook een leven. Met jobs. En verbouwingen en zo. Waardoor we hem niet naar elk verafgelegen toernooi vergezellen. Want dan ben je echt wel een hele dag weg. OK, de vervoersregeling is geoptimaliseerd sinds de club met dat dashboard werkt. Toch wil ik niet doen alsof ik het normaal vind dat mijn kind bij een andere ouder in de auto moet stappen. Is er echt geen geld voor een bus(je)?

Kortom: vandaag vraag ik me weer af of het wel slim is om hem te laten gaan. Want wij rijden niet. We weten niet wie er wel rijdt maar vertrouwen erop dat die mensen geen halve dag pinten zwikken langs het veld. En we hebben er geen idee van of er iemand - in geval van nood - medische bijstand kan verlenen.

En kom niet af met “dan had hij maar moeten voetballen”. ‘t Is overal wel wat.

donderdag 6 maart 2014

The postman NEVER rings

Mercedes heet ze. Onze postbode. En ze heeft de goeie gewoonte om op af te leveren postpakketten VOORAF "afwezig" aan te kruisen - dat zagen we vorige week toen we 's ochtends snel het raam opentrokken om alsnog een pakket in ontvangst te nemen.

Meestal dropt ze onmiddellijk een afwezigheidsbericht in de bus. En die op het Stapelplein, die weten dat. "Ge kunt klacht indienen", zeggen ze daar. Maar zo zijn we niet.

Naar het schijnt is ze blond, Mercedes. Ik heb haar nog nooit gezien. Maar ik denk dat ze goed scoort op de Georoute-richtlijnen. Snel en efficiënt. Jaja.

zondag 2 maart 2014

What are families for (4)


Het zit erop, het "familieweekend". We zijn erdoor. En het ging allemaal OK. Ik ben moe, dat wel. Heel erg moe. Hoewel ik heel weinig heb uitgestoken en genoeg heb geslapen.

We hebben gewandeld. Ik heb wat gelezen. Ben in de sauna geweest. En zat mee aan tafel, van ontbijt over aperitief tot ver na het avondmaal.

Zoals altijd heb ik een groot deel van de stress weggegeten. Alles wat thuis niet op tafel komt, passeerde de revue. Boter en speculoospasta, en chips en taartjes. Bij ons vertrek was ik al vijf kilo zwaarder dan begin januari en dat zal nu niet verbeterd zijn. Nu ja, de draad opnemen en geregeld lopen - met een loopschema - daar ben ik sinds 15 december niet aan toegekomen, dus moet ik nu niet zagen over mijn dikkigheid.

De alcohol ter plekke was van superieure kwaliteit, dat mag gezegd wezen. "Het leven is te kort om brol te drinken", herhaalde schoonbroer die voor de wijnvoorraad instond en hij heeft gelijk. "Ge gaat hier niet met hoofdpijn opstaan", voegde hij eraan toe en dat klopte helemaal, al denk ik dat hij daarbij niet aan onthouding dacht. Op mijn persoonlijke alcoholconsumptie - 2 glazen rode wijn en 3 glazen cava over het hele weekend - valt niks aan te merken. Mocht mijn therapeut beloningsstickers plakken, dan had ik er NOG een verdiend.

De sfeer zat goed en is er geheel niks ontspoord. Persoonlijk ben ik gespaard gebleven van de gevreesde kritiek en slinkse opmerkingen en ik hoop van ganser harte dat mijn beperkte aandeel in de conversaties geen aanleiding gaven tot bad feelings, bij wie dan ook. 

Wat ik ondertussen weet is dat therapeuten (onbewust?) therapeuten-vragen stellen. Opdat je de situatie zou evalueren of er toch zou over reflecteren.  En dat ze conversaties aanwakkeren...

Omdat alle kinderen (en leerkrachten) een vakantieweek in het vooruitzicht hadden, leek het alsof dit een “speciaal” weekend was. Morgen moet ik echter gewoon werken.

vrijdag 28 februari 2014

On the road

Mocht mijn therapeut beloningsstickers plakken, dan had ik er nu een verdiend voor "avoid avoidance".

Stand by your man and close the ranks firmly

Of ik wat minder negatief kan zijn. Wat minder cynisch …
Of ik niet gewoon kan genieten van het vooruitzicht om in de Ardennen te zijn.
Tja.

Terwijl ik mezelf oppepte met “stand by your man!” en mijn huisgenoten “close the ranks” aanbeval, botste ik weer op zo’n irritant artikel waarin me werd aangeraden om “enge dingen” te doen. Ja lap, dacht ik. We zijn weer bij die frigging comfort zone beland. Een onderwerp dat me - zoals veel van die motivationele bullshit - gewoon KWAAD maakt. Lifestyle tips en slogans, vooral als die impliciet aansturen op een verbetering van uw productiviteit, ik kan er NIET tegen (en heb me er al eerder over uitgesproken).

Dat laat niet weg dat ik begrijp dat cynisme niet helpt. Dat ik beter af ben als ik een meer boeddhistische attitude nastreef. Momenteel zijn “acceptatie” en “dankbaarheid” al behoorlijk lang uit de weekplanning geschrapt en vervangen door “hou uw kop boven water mens”.

En ja, ik moet er dringend wat aan doen.

If you have nothing nice to say, don't say anything at all

I know


What are families for (2)

Ik ben er klaar voor. Ben mentaal voorbereid. Gewapend tegen kritiek en slinkse opmerkingen over
  • mijn tekort aan “cultuur”.
    Ik heb niks met de Standaard Boekhandel Top 10. Boekenreeksen en cd-boxen die “kwaliteitskranten” aan de lopende band aanbieden laten me koud. Ik hou niet van jazz. Luister niet naar avant-garde jazz of andere arty farty moeilijke muziek. Ik ben ook niet geneigd om over politiek te discussiëren want daar ben ik niet mee bezig. 
  • het gewicht van mijn huisgenoten.
    Met de impliciete boodschap dat ik vast niet gezond kook (of helemaal niet kook en hen alleen rotzooi voorschotel). 
  • mijn gewicht, kleding- of haarstijl.
    Omdat het me per definitie niet lukt om er fit, uitgerust en opgekuist uit te zien op die momenten dat ik me moet vertonen, moet ik nodig erop attent gemaakt worden dat er iets kan aan worden gedaan. 

dinsdag 25 februari 2014

Rejection-sensitive dysphoria (RSD)

Rejection-sensitive dysphoria (RSD)? Had ik nooit van gehoord. Maar ik ben additudemag genegen en googelde vol interesse verder, ook al kon het stuk in kwestie best wel een verdoken reclame voor medicijnen zijn.

Blijkt dat het fancy label door ene Dr. William Dodson in gebruik werd genomen en buiten zijn geschriften nergens opduikt. Maar het idee, wat hij met die RSD bedoelt, dat lijkt steek te houden.

Voor mij was het weer een aha-erlebnis. En ik zie dat de mensen die ermee aan de slag gingen, rake dingen schrijven. Larry Letich's verhaal en dat van zijn patiente, bijvoorbeeld, zijn er twee waar ik nog op terug zal komen. Lees ze eens, zou ik zeggen.

Spam at work

KRIJG NU HET SCHIJT, dacht ik, toen ik enkele tips om uit mijn comfortzone te stappen voorgeschoteld kreeg. Maar ik wil graag bijleren, en omdat "Leren start als je uit je comfortzone stapt", klikte ik door.

OK, toegegeven: ik had dat beter niet gedaan. Ik had voorzichtiger moeten zijn. Ik had moeten nadenken bij de titel "Personal Life & Business Coach". Dan had ik vast nattigheid gevoeld. 

Maar neen. Ik las de hele pagina. Tot aan de "Wat is de volgende stap die jij gaat zetten buiten jouw comfortzone?" 

En toen dacht ik: "Wat als ik uit MIJN comfortzone stap en in die van U terechtkom? WAT DAN?"

What are families for (1)

Nu ik hier toch zit, rillend in de koude keuken, wachtend tot ik me minder kotsziek voel en naar bed kan zonder het risico te lopen dat ik op de nieuwe bamboe vloer spuug, kan ik misschien kort iets kwijt over het familieweekend. Vier jaar geleden zag ik het om tal van redenen niet zitten en bleef ik thuis.
Nu wil ik niet beweren dat ik plots wild enthousiast ben om deze keer mee te gaan. Maar ik heb wel toegezegd. Omdat ik besef dat wat me het meest tegensteekt, niet direct met het gezelschap maar wel met mijn aanslepende "winterdip" te maken heeft.
Het feit dat ik een heel weekend energiek en behulpzaam zal mogen wezen, terwijl ik die energie niet op overschot heb - zie mij met de glimlach tafels dekken, koken, afruimen en afwassen - DAT is waar ik hard tegenop zie. Het is een klus. Ik ben dat weekend kwijt. En dus ook de tijd om uit te rusten, om van de voorgaande week te bekomen, om te recupereren en de de batterij weer op te laden …

dinsdag 4 februari 2014

Never been a slow reader


You read 426 words per minute. That makes you 70% faster than the national average.


(Aan die 661% faster van Michel kan ik niet tippen.)

donderdag 9 januari 2014

Innuendo

Even een rechtzetting:
K was thuis in (ziekte)verlof omwille van ondanks de verbouwingen in haar huis.
Dank u

zondag 5 januari 2014

Week 4 - Torpor

Week 4 en ik doe zo goed als niks. Mijn geheugen reikt vaak niet verder dan het einde van een zin.

De feestdagen komen en gaan zonder incidenten. Ik blijf op afstand en observeer. Iedereen is - overal - nuchterder dan ooit. Familiebezoeken met lange stiltes en zonder mensenkater achteraf, waar gaan we dat schrijven? Een grote bende vrienden bijeen en geen hilarisch scheve mensen. Tiens.

Ik krijg mijn zenuwtics - nagelbijten en krabben (wat lastig is, zonder nagels) - niet onder controle en dat stoort me mateloos. Er is ook nog altijd iets met mijn eetlust wat ik niet kan verklaren. Normaal vreet ik me onnozel. Raid ik om de haverklap de koelkast en de voorraadkast. Kan ik geen boodschappen doen zonder iets om te snoepen. Vet en suiker zijn mijn vrienden in tijden van stress. Mocht ik niet sporten, ik woog vast 100 kilo. En nu sla ik zonder veel probleem maaltijden over. Geen honger. Maar vooral ook: geen zin. Voor het eerst in jaren ben ik begin januari niet op mijn zwaarst.

Ik maak toch voornemens, zij het enkel op sportief gebied. Een concreet sportschema helpt me, heb ik ondervonden. Ik pik ook de mindfulness draad op en start een "meditation challenge".

En ik begin me ook zorgen te maken, over al de rest.